Fosfaat

29-01-2016 14:16:38 | Door Trof, Kasper

Column 2 – 2016 Tsjalling Buwalda

Naar aanleiding van een bericht in het Dagblad van het Noorden over de aanhouding in de Westelijke Sahara van een Nederlandse studente tezamen met enkele Noorse studenten.

Het meisje kijkt me met een onbestemd lachje aan. Achter haar, palmbomen langs de Boulevard van Agadir. Als ik de tekst naast de krantenfoto lees begrijp ik, dat ze uit de Westelijke Sahara is terug gestuurd naar Marokko. Daarover is de jonge vrouw ontstemd. Uiteraard. Marokko, een testosteron-bom-bron toch?

Maar dat onbestemde lachje? Ze is ook wel een beetje blij, lijkt het. Want nu heeft ze zelf ervaren en kan ze aantonen, hoe onheus en hard Marokko optreedt. De Marokkaanse politie had haar en haar vrienden gearresteerd, terwijl ze in een busje op weg waren naar Al-Ayoun in de Westelijke Sahara. De Politie had hen aangezien voor politieke intriganten, had de foto’s uit hun mobiele telefoons vernietigd, had hen geïntimideerd en ten slotte teruggestuurd naar Agadir in Zuid-Marokko. En ja, de politie had het goed gezien. Ze waren hier niet als toeristen. Ze waren hier om aandacht te vragen voor de oorspronkelijke inwoners van de Westelijke Sahara.

Misschien herinnert U zich nog, over welk probleem het hier gaat. “Westelijke Sahara”, is het gebied, dat tot 1975 de Spaanse Sahara was. In 1960 werden de meeste koloniën in Afrika onafhankelijk. Alleen Spanje en Portugal hielden – onder hun eigen dictatoriale regiems toen – nog hardnekkig vast aan hun koloniën. Maar in 1975 lag Franco op sterven en Spanje wilde van zijn laatste kolonie af. Drie machten stonden klaar om het gebied over te nemen: Marokko, Mauritanië en Polisario, de guerrillabeweging, die onafhankelijkheid opeiste voor de oorspronkelijke bevolking, de Sahrawi.

Polisario kreeg steun van Algerije en Libië. De OAE (Organisatie van Afrikaanse Eenheid) steunde Polisario eveneens. Een basisregel voor de OAE was immers: handhaaf de koloniale grenzen, hoe absurd ze ook mogen zijn (Nyerere). Anders is er immers geen houden meer aan. Maar Hassan II organiseerde de “Groene Mars”. Duizenden Marokkanen trokken met alle mogelijke vervoermiddelen naar het Zuiden en bezetten het gebied. Er dreigde immers een referendum en Marokko wilde dat hoe dan ook winnen. Dat referendum hing tot de eeuwwisseling in de lucht, maar Marokko blijft zich verzetten. De Nederlandse studente wilde nu aandacht vragen voor het doorgaan van dat referendum. Was dat realistisch?

Marokko heeft de strijd om dit gebied hard en fanatiek gevoerd. Het heeft een sterk en goed georganiseerd leger, dat opgewassen bleek zelfs tegen de geharde Polisario-strijders, die goed thuis waren in het gebied en de woestijnomstandigheden daar kenden. In die jaren kwam ik met studenten jaarlijks in Marokko, ook in Zuid-Marokko. Ik sprak een jongeman, die ik kende en die terug was van een jaar militaire dienst in de Westelijke Sahara. Het was verschrikkelijk geweest. De harde strijd, de angst ‘s nachts, en de monsterlijke aanleg van de zandwal langs de Oostgrens, die bescherming moest bieden tegen de verraderlijke en onverwachte aanvallen van Polisario. Die wal is er gekomen: 2700 km lang (dus vergelijkbaar met de afstand Zuidhorn tot Gibraltar)

Hassan II was een dictator. Zijn macht strekte zich ver uit, tot in Nederland toe. Dat hebben de Marokkaanse gastarbeiders hier ervaren. (Denk bv. aan de “Amicales” en de rem op deelname aan verkiezingen hier). Maar zij niet alleen. Bij het voorbereiden van de (aardrijkskundige) excursies naar Marokko, kregen de studenten een door ons zelf vervaardigde excursiegids mee, met allerlei gegevens en kaartjes. Ik was stomverbaasd dat ik op een bepaald moment in Groningen een brief ontving van de Marokkaanse ambassade, dat de kaartjes in die gids fout waren. Marokko stond erin afgebeeld zonder de Westelijke Sahara, terwijl dat een onlosmakelijk deel was van Marokko (!).

Waarom was en is Marokko zo gebrand op dit gebied? Het antwoord is: Fosfaat. Fosfaat is onmisbaar voor alle leven en met name voor landbouw en veeteelt. Maar de voorraden in de wereld zijn beperkt. De voornaamste producenten zijn de VS, China en het Midden-Oosten. De VS en China gebruiken hun voorraden zelf en exporteren bijna niet. In het Midden-Oosten is Marokko (+ de Westelijke Sahara) verreweg de grootste producent. De situatie in Syrië, Jordanië en Tunesië laat weinig ruimte voor winning en export. En de fluctuerende prijzen lopen dus steeds verder op.

Als fosfaat onontbeerlijk is voor de productie van voedsel, zal er dan straks wel voldoende te eten zijn voor de wereldbevolking, die voortdurend in omvang toeneemt?

En gaat dat straks afhangen van Marokko? Kunnen we daar nog wat aan doen? Bij delfstoffen als olie en gas, kunnen we overschakelen op zonne-energie. Maar dat kan niet bij fosfaat. We kunnen wel proberen nog wat zuiniger om te gaan met fosfaat (kunstmest) in de landbouw. We kunnen afvalwater zuiveren en daaruit fosfaat terugwinnen en hergebruiken.

We kunnen ook minder gaan eten. Vlees eten, daar gaan we helemaal mee stoppen. Maar krijgen we dan wel genoeg calorieën binnen? Helaas. Dat houdt in, dat we zuiniger dienen om te springen met onze lichaamsenergie. En dus wat minder mogen bewegen, sporten en staan. Ja, dan wordt het wel moeilijk om warm te blijven, inderdaad. Maar, hiep hoi, op 5 februari valt het tienjarig bestaan van de warme truiendag. Die gaan we dan massaal vieren en benutten. We gaan schapen dus gebruiken voor wol en niet meer voor de slacht. Tja. Dit slachtverbod en die kou, zou dat de Noord-Afrikanen van Timmermans niet kunnen bewegen om de warme herkomstgebieden maar weer op te zoeken?

Moeten we de rechtszaak tegen Wilders ook maar niet weer intrekken?

Marokkanen, Marokkanen, overal die Marokkanen. Dat onbestemde lachje van die studente, had ik dat wel goed gezien? Was hier niet veel meer sprake van een vèrziende blik?

NB. Het is niet geheel onwaarschijnlijk, dat deze lam leggende analyse u niet geheel overtuigt. Gelukkig mag ik u een deugdelijk alternatief bieden: een uitgave van De Helling. De Helling (het wetenschappelijk bureau van Groen Links) bracht in het najaar van 2015 het themanummer “Grondstoffenpolitiek” uit. Een mooi nummer, over een belangrijk onderwerp. Grondstoffen worden daarin vooral benaderd vanuit de kant van het milieu. Nou ja, de politieke kant van grondstoffen, daarover hoeven we hier in Groningen nu even niets meer te lezen toch?

Zuidhorn, 28-1-16