Een staatsgreep in Turkije

29-07-2016 17:11:35 | Door Trof, Kasper

Column 7 – 2016 Tsjalling Buwalda

Naar aanleiding van de militaire staatsgreep op vrijdag 15-7-2016

April 1960. Negenentwintig Nederlandse studenten, afkomstig van de vijf Nederlandse universiteiten kwamen ’s avonds laat aan in Ankara. Ze hadden een reis van vier dagen achter de rug. De eerste drie 3 dagen en 2 nachten met de beroemde Oriënt-Express tot Istanboel en daarna nog een tocht in twee busjes van Istanboel naar Ankara.

Na aankomst ’s avonds in de universiteit van Ankara verliep de verdeling over de verschillende logeeradressen chaotisch. Eén van de Turkse studenten nam mij mee. Zijn vader was een rijke olijven-handelaar in Izmir, die voor zijn studerende zoon een appartement in het centrum van Ankara had gekocht. De student woonde daar met een vriend en voor mij was er ook nog wel een bed. De volgende dag bleek echter, dat alle studenten waren ondergebracht bij Nederlandse gezinnen en dat één van die gezinnen tevergeefs had zitten wachten. Ik was de enige, die bij een Turkse student logeerde, tegen de verdeling in. Maar ik was daar allerminst rouwig om. Terecht niet, zo bleek later.

Ik volgde aanvankelijk het standaard-programma. We bezochten een school, waarbij me direct het enorme nationalisme opviel. In de klas de Turkse vlag en een grote foto van Atatürk, de grondlegger van de moderne Turkse staat. Die was ontstaan in 1923, na de roemloze ondergang van het Ottomaanse Rijk, vóór en tijdens de Eerste Wereldoorlog.

Toen ik een middag thuis bleef, hoorde ik ineens een enorm lawaai op straat. Ik zag een oploop met in het midden een oude man. Dat bleek later Inönü te zijn, die president van Turkije was geweest van 1938 – 1950. Hij was één van de belangrijkste officieren geweest in de groep van Atatürk en had deze bij diens overlijden in 1938 opgevolgd. Maar in 1950 was zijn partij verslagen en was Demirel president geworden. Die maakte een eind aan het extreme modernisme van het Kemalisme (de leer van Mustafa Kemal = Atatürk), die bijvoorbeeld de Islam had teruggedrongen naar de privésfeer. Atatürk had Islamitische scholen gesloten, en had voorgeschreven, dat de Koran voortaan in het Turks en niet meer in het klassiek Arabisch zou worden voorgelezen. Hij schafte het sultanaat af, dat eeuwenlang in Turkse handen was geweest. Daarvoor in de plaats kwam het “Directoraat voor Godsdienstzaken” dat rechtstreeks onder het gezag van de president viel. Demirel bood ruimte aan meer liberalisering in de economie en aan de uitoefening van de Islam.

Maar wat betekende die oploop met Inönü in het midden, die toen 76 jaar was en duidelijk tegenstribbelde tegen wat de mensen om hem heen van hem vroegen? Dat bleek later, toen ik een week bij de familie van mijn Turkse gastheer in Izmir logeerde, buiten het groepsprogramma om. In die week vond de staatsgreep van 1960 plaats. Toen ik daarna samen met mijn Turkse student- gastheer per boot aankwam in Istanboel, hoorde ik de verhalen van de andere Nederlandse studenten. Verhalen over wreedheden. In Ankara en Istanboel moest iedereen binnen blijven. Dus ook mijn Nederlandse reisgenoten hadden het hotel niet mogen verlaten, terwijl ik in en om Izmir van alles had kunnen bekijken en meemaken. Vanuit Nederlandse multinationals in Istanboel, zoals Heineken en Philips werd ons met klem aangeraden om zo snel mogelijk onze biezen te pakken. In elk geval zijn we heelhuids weer terug gekomen.

Thuis lazen we over het verloop van de coup. Die eindigde met de terechtstelling van Demirel en twee van de belangrijkste mannen uit zijn omgeving.  Na 1960 waren er nog staatsgrepen in Turkije in 1971, 1980, 1997. En nu dus in 2016. Ze laten iets zien van het land dat vanaf 1923 bezig is een balans te zoeken tussen stad en platteland, tussen traditionele Islam en scheiding van Staat en godsdienst. Maar elke poging om de problemen van Turkije en de interne tegenstellingen in een eenvoudig schema onder te brengen is bij voorbaat kansloos. Je kunt je soms niet voorstellen, dat bijvoorbeeld Oost- en West Turkije in hetzelfde land liggen.

Eén aspect wil ik hier even naar voren halen: de enorme invloed van Turkije op Europese inwoners met Turkse wortels, die hier vaak al geslachten lang wonen. Ze blijven de Turkse nationaliteit gedwongen houden. Jongens hier moeten nog altijd in militaire dienst en kunnen daar alleen onderuit, als ze een flinke som geld betalen. Die invloed was al groot in de zestiger en zeventiger jaren. Denk aan De Grijze Wolven. De Turken tonen zich daarin onderdaniger aan Ankara dan de Marokkanen aan Rabat, die ook veel last hebben gehad van het regiem van Hassan II.

Het is duidelijk dat Erdogan na de coup van 2016 met ongekend hard en tomeloos fanatisme zijn race naar de dictatuur van voor 15 juli voortzet. Waarom? Dichter bij ligt de vraag, wat er met de “NederTurken” aan de hand is. Wat hen bezielt, dat zij aanhangers van de Gülenbeweging hier, zo grof en openlijk bedreigen, molesteren en hun ramen ingooien. Maar die “NederTurken”, dat zijn Nederlandse staatsburgers, soms al geslachten lang.

Daarom lijkt de meest urgente vraag: Waarin hebben wij autochtone Nederlanders gefaald? Wat doen we in onze politiek verkeerd, dat onze staatsburgers zo massaal de fout in gaan? Dat brengt ons naar andere vragen, zoals:

·         Wat doen Amerikanen verkeerd, als een man, die alle Amerikaanse waarden tart, zo massaal wordt omarmd als kandidaat voor het presidentschap?

·         Wat doen de Engelsen fout, als de Britse inwoners zo massaal kiezen voor afsluiting van de vrije toegang tot en voor Europese producten, diensten en arbeid?

·         Wat doet Nederland fout, als Nederlanders zich steeds meer lijken te laten inpalmen door een populist als Wilders?

De grote gemene deler van deze vragen lijkt, dat politici geen totaalvisie op de samenleving meer hebben of uitdragen. Dat slechts de korte termijn telt. Dat slechts bezuinigen telt. Waardoor de kloof in de samenleving ten aanzien van inkomen, werk en kennis groter wordt. Waardoor de kloof tussen burgers en overheid groter wordt. Waardoor mensen zich steeds meer belazerd voelen en radicaler en grover worden. Dan gaan mensen zich ingraven en zich verzetten tegen elke invloed en ingreep van buiten. Wat de kloof in de Turkse gemeenschap in Nederland betreft, zijn er goede pogingen van gemeenten om hoe dan ook de communicatie op gang te brengen. Tussen Gülen – en Erdogan-aanhangers. Maar laten we niet vergeten: tussen Nederlanders van Turkse en Nederlanders van “autochtone” oorsprong.

De coup van 1960 had grote gevolgen. Demirel werd door de militairen opgehangen. Dat heeft veel kwaad bloed gezet. Vaak vertelt Erdogan, dat hij toen, als zevenjarig jongetje, zijn vader voor het eerst heeft zien huilen. De reis van de 29 studenten van 1960 had ook grote gevolgen. In 1960 hadden nog maar 22 Turken een verblijfsvergunning in Nederland. Het aantal inwoners met Turkse wortels in Nederland bedraagt nu 400.000. Kennelijk was de uitnodiging van de studenten aan de Turken voor een tegenbezoek toch wat aan de uitbundige kant.

Zuidhorn, 29-7-2016