Luchtbel

09-03-2017 23:16:47 | Door Trof, Kasper

Column 2 – 2017, Tsjalling Buwalda

N.a.v. de opmars van het rechts extremisme

“Het blanke ras is natuurlijk superieur”.

Het is nacht. Ik lig wat te liggen. Je moet toch wat ’s nachts. Natuurlijk, keurig ingeënt tegen de griep. Ik behoor – al enige tijd ja – tot de doelgroep van de griepprikkers. En - al enige tijd ja – doe ik opgewekt en vooral trouw mee aan die vrolijke jaarlijkse happening. En – al enige tijd ja – trekt dat dwarse lijf van mij zich even trouw weinig aan van die ingespoten troep en ondergaat dus soepeltjes en gelaten de griepaanvallen, met een paar dagen in bed. Van dat liggen wordt je flink ziek, maar vooral ook uitgeslapen. Tja en dan lig je je ’s nachts wel eens even te vervelen. En dan zet je wel eens even de radio aan. En dan hoor ik: “Het blanke ras is gewoon superieur.”

Wat overkomt me nou met m’n suffe kop? Denk ik dit of hoor ik dit? Het dringt tot me door dat ik in een “bel-programma” zit. Het gaat over het plan van de gemeente Amsterdam om een sis-verbod in te stellen, begrijp ik. Ook Rotterdam wil maatregelen nemen tegen intimiderend gedrag op straat, vooral tegen meisjes en vrouwen.

Een paar oudere dames in de uitzending geven hun mening. Zo van “Kom nou mensen. Je wordt nagesist. Vind je dat nou erg? Dat ligt dan aan je zelf toch? Te weinig gevoel van eigen waarde. Want het is ook lekker toch? Gewoon even terug wuiven met het handje. Dag jongens. Toch gewoon, dat sissen en dat fluiten? Dat is toch van alle tijden? Natuurlijk, ze moeten natuurlijk niet agressief worden en een beetje hinderlijk in je vaarwater gaan staan. Dan wordt het anders natuurlijk.” U herkent de echte volkstypes. De toon is duidelijk, wijs en sterk relativerend.

En dan mag Jan wat zeggen.

En Jan zegt: “Het blanke ras is natuurlijk superieur”

De journalist: “Hoezo Jan?”

Jan: “Elke middag kom ik terug met de trein. Van mijn werk. Dan zie ik ze zitten, die zwartjes. In een lange rij op het muurtje bij het station. Lekker ouwehoeren natuurlijk. Als er een vrouw voorbij komt begint het gesis en gefluit. Totaal geschift en respectloos. Die lui komen rechtstreeks uit de rimboe gewoon. Wij blanken hebben die fase al een tijdje achter ons.”

De journalist hoort het aan en stapt over op een volgende beller. Ook de dames krijgen weer het woord. Maar Jan niet. De journalist lijkt hem te ontwijken. Ik vind dat jammer. Het is lang geleden, dat ik zo rechtstreeks die kreet over het superieure blanke ras heb gehoord. Natuurlijk, mensen die ’s nachts deelnemen aan dit soort belprogramma’s - en die er naar luisteren – zijn een beetje geschift waarschijnlijk. Maar die mening, zo onomwonden uitgesproken, herinnert rechtstreeks aan de tijd van voor en na 1940. Zijn Hitler en de Apartheid dan nog steeds niet voorbij?  Natuurlijk, als ik van die uitspraak schrik, leef ik toch een beetje met oogkleppen op. Want het rechts extremisme steekt overal de kop op. Dat is al een tijdje aan de gang. De angst kan je om het hart slaan. Na de presidentsverkiezing in de VS. En de verkiezingen hier, in Duitsland en in Frankrijk in aantocht zijn.

Net op tijd ligt op dit moment het boekje “Kunnen we praten” in de winkel. De schrijver, Joris Luyendijk heeft het geschreven vanuit zijn verwarring over de opkomst van het rechts extremisme. Het begrip “bubbel” vindt hij een centraal begrip voor deze tijd. Terecht, denk ik. Iedereen lijkt zich op te sluiten in zijn eigen bubbel. Leest in zijn eigen chatgroepjes op de sociale media alleen de berichten die hem in zijn eigen mening bevestigen. Leest alleen de krant – als hij al een krant leest – in zijn eigen straatje. Trekt de grenzen om zijn eigen kringetje nauw, griezelig nauw. De voedingsbodem voor rechts extremisme ligt in de huidige samenleving en in de manier, waarop onze samenleving de laatste decennia wordt geregeerd. Ontegenzeggelijk. Maar als het vliesje om de bubbel van rechts extremisme steeds ondoordringbaarder wordt, dan zullen wij, in onze nette bubbel van niet-rechtsextremisten, niet dezelfde fout mogen maken. Dan zullen wij in de touwen moeten!

We moeten niet het voorbeeld volgen van de nachtelijke journalist, die een gesprekje met Jan verder ontliep, al was dat uit het oogpunt van zijn programma misschien wel begrijpelijk. We zullen moeten praten, rechtstreeks en persoonsgericht moeten communiceren. Ingezonden stukken in onze eigen krant, die helpen niet, want die lezen ze niet. Misschien korte stukjes in advertentiebladen. Misschien frequent een folder. Maar vooral: praten, persoonlijk contact.

“Die mensen bereik je nu eenmaal niet, het is boter aan de galg”, hoor ik U zeggen. Ik moet ineens denken aan juffrouw Hendriks. Dat was de zuster van mijn onderwijzeres in Kampen in de oorlog. Te pas en vooral te onpas sprak ze op straat de mensen aan: “Heb je al een nieuw hartje gevraagd aan de Heere Jezus?” Aan de IJsselkade lagen Duitse oorlogsschepen. Maar juffrouw Hendriks liet zich niet imponeren of intimideren. Onverschrokken betrad ze de schepen en klampte ze de Duitse matrozen aan.  Zeker, de omstandigheden waren toen anders. Juist door de oorlog leken de omhulsels van de vooroorlogse bubbels op te lossen. De grenzen tussen de Gereformeerden, Socialisten, Communisten, Liberalen en wat je allemaal aan zuilen had, die leken in het verzet tegen de bezetter een beetje weg te smelten. Maar er ontstond wel een nieuwe, grotere bubbel, die van het Nationalisme, met de romantiek van vlaggen, koningshuis en het Wilhelmus. Tegen de bubbel van de Duitsers. De reden van hun aanwezigheid hier lag in een vreselijk rechts extremisme.

Is dat allemaal echt anders dan vandaag? Dat juffrouw Hendriks respect genoot bij vriend en vijand was niet zozeer vanwege haar boodschap. Maar wel om haar optreden, haar onverschrokken directe, persoonlijke benadering van iedereen, wie dan ook. Respect is een voorwaarde voor vertrouwen, dat de politici van vandaag zo node missen. De groep die zich afkeert en zijn heil zoekt, vaak ook onbewust, bij (rechts) extremistische partijen, wordt groot. Dat is zeer zorgelijk.

Maar is het niet te laat om nu nog te proberen door rechtstreekse persoonlijke benadering, die dreiging te keren? Misschien liggen hier, in het Noorden, de kansen wat dat betreft iets gunstiger dan in West- en Zuid Nederland. Altijd het proberen waard, lijkt mij. Bijvoorbeeld in de aanloop van de gemeenteraadsverkiezingen, volgend jaar.

Op basis van 15 maart, dìt jaar.

Zuidhorn, 9-3-17